Crisismanagement Strikt genomen – Hoe een strategisch meerjarenplan voor Crisismanagement maken?

Dit artikel vertelt de werkwijze om een strategisch meerjarenplan te vormen voor het CMT, gebaseerd op markteconomische principes van de blauwe oceaan.

Het crisismanagementteam (CMT) van een organisatie heeft immers haar eigen organisatie als openliggende markt om uit te werken en te optimaliseren qua crisismanagement.

Daarbij is een strategie nodig, waarbij projecten gedefinieerd worden op basis van vragen over eigenschappen van het bestaande CMT of de situatie / de cultuur van de organisatie as-is.

Crisismanagement strikt genomen – De 10 Stappen van Crisis Communicatie

Geïnspireerd door een blog van Jonathan Bernstein.

Crisis: Elke situatie die bedreigend is of kan zijn voor mensen, eigendom, die de business ernstig kan onderbreken, de reputatie kan schade toebrengen, of de werkvloer negatief kan impacteren.

Elke organisatie is kwetsbaar voor crisissen. De dagen van profijt door wild ondernemen liggen achter ons. In grote ondernemingen maar ook in de kleine organisaties is het niet meer voldoende om in het wild te organiseren, en geen of te weinig aandacht te besteden aan risico’s. Je kan inderdaad het spel wild spelen, maar de stakeholders, waaronder de consumenten, zullen je niets vergeven, ze zagen immers zaken als Fukushima, Wikileaks, BP in de golf van Mexico,… op het nieuws, en zagen wat daar gebeurde. En zelf willen ze niet dat het hen overkomt.

Zijn pandemieplannen een ding van het verleden? Een redeneringsoefening.

Elke organisatie moet regelmatig haar BCP herbezien. Een van de scenario’s is pandemie. Pandemieplannen waren het heet van de naald in 2006 tem 2009. Toen was er de vogelgriep, H1N1, varkensgriep, Mex**** griep, etc. Zijn deze dingen een zaak van het verleden? Of hoort een pandemieplan toch thuis in een goed en deugdelijk BCP? Statistisch gezien is er een pandemie elke 30 jaar…

The Fantods Of Risk

Auteur: H. Felix Kloman

Dit boek is een van de twee ‘verzamelde werken’ van H. Felix Kloman.

In dit werk vertrekt de auteur van enkele premissen, inleidende conclusies eigenlijk: wat is risico, wat is risicomanagement, wat is het proces, wat zijn de doelen. Doorheen het boek vertelt de auteur hieover, en toetst hij deze conclusies aan zijn ideeën en aan allerhande situaties in de wereld. Dit leidt naar een eerste climax in het boek in hoofdstuk 14: “Does Risk Matter?” In dat hoofdstuk bespreekt hij tevens “four times three”:  vier hypothesen, vier vragen en vier voorzichtigheden over risicomanagement en de risicomanager. Het boek besluit met een introductie: “The Future of Risk Management, Again”. Daarin geeft hij een overzicht van nieuwe doelstellingen (de belangrijkste lijkt mij is “to build and maintain the confidence of critical stakeholder groups”), nieuwe standaarden, waarin hij de ISO 31000 standaard o.a. aanhaalt, nieuwe inzichten, (direct waarneembare risico’s, wetenschappelijk voorspelbare risico’s en virtuele risico’s) en nieuwe gereedschappen (tools) voor ERM.

In het kader van dit boek wil ik ook nog refereren aan zijn ander boek, “Mumpsimus Revisited” waar ook veel van zijn ideeën in terug te vinden zijn, en die gebruikt hadden kunnen worden in dit boek bij de opbouw naar het besluit.

Mumpsimus Revisited

Auteur: H. Felix Kloman

De auteur begint met de geschiedenis van risicomanagement in 1905-1912, met een basis in 1881 door Otto Von Bismarck, en haalt daarbij highlights aan tot 1996, met het vermelden van de start van “The Global Association of Risk Professionals”. Vanaf dan is het boek een opeenvolging van artikels, geklasseerd volgens hoofdonderwerp in hoofdstukken, variërend in onderwerpen binnen risicomanagement, en moeilijkheidsgraad.

Hoewel de auteur op een grappige manier in het laatste hoofdstuk het gebruik van vakjargon hekelt, gaat hij er bij de hoofdstukken over investeringen wel van uit dat de lezer de redeneringen over captives kan volgen. Daardoor is het geen boek voor het hoger management, tenzij deze beslagen zijn in deze, en andere, materie.

In eerdere hoofdstukken, waar hij de geschiedenis vertelt, de iconen van risicomanagement afbreekt, en waar hij de parabels vertelt, is hij wél veel menselijker in zijn taalgebruik. Naar het einde van het boek toe geeft hij een overzicht van de geschiedenis van de captives.

De manier waarop het boek geschreven is maakt het moeilijk om een rode draad te vinden. Het is meer een boek om ’s avonds een kort stukje verfrissende ideeën op te doen over risicomanagement, of om een aspect van risicomanagement of zijn geschiedenis te leren kennen dat je voordien onbekend was.

Doorheen het boek wordt gerefereerd aan de werken van andere auteurs. Spijtig genoeg worden ze achteraan niet weergegeven in een literatuurlijst.