Covid 19 – Discours voor vernieuwing en geleerde lessen

Auteur: Manu Steens

De laatste pakweg 5 maanden is ons land in de ban van Covid 19. Er gebeurden allerlei zaken, en zoals in elke oorlog (maar nu tegen een onzichtbare vijand) leren we de mensen kennen van hun mooiste en lelijkste kanten.

Om de pandemie in ons land in te dijken werden maatregelen getroffen tijdens de eerste ziektegolf. Maar het virus zet zich vlot en snel over de door ons behaalde resultaten. Vandaag kunnen we ongeveer zeggen dat we aan het begin van de tweede golf staan, eerder dan we oorspronkelijk dachten dat deze zou kunnen optreden. Is het dan voor niets geweest? Of kunnen we er lessen uit trekken voor wat we moeten doen?

Een eerste les die we zien is dat er effect geweest is van de lock down. Maar was de manier waarop dit gebeurde optimaal? Zijn er andere formules mogelijk? En is het tijdens de tweede golf iets dat we moeten doen alsof we vertrekken van dezelfde beginsituatie, of speelt de ervaring van de bevolking een belangrijke factor, indien het gegeven signaal maar sterk en duidelijk genoeg is?

Een tweede les die we kunnen zien is dat er waarschijnlijk een verschuiving is in de doelgroep van de ziekte. Niet meer vooral de ouderen in o.a. de ouderlingtehuizen zijn doelwit van het virus, maar meer en meer jonge mensen. Een vraag die zich hier stelt is of dit hier komt door de zogenaamde super spreaders, en eventueel door edge workers, waarvan ik sprak in de vorige blog. De bevolking zou dan op te splitsen zijn in twee groepen: de gewone man en de risico-zoekers. De gewone man zal zijn gedrag laten sturen door de maatregelen die de overheid eerder al nam, de risicozoekende edge workers niet. Bij hen haalt straffen niets uit. Misschien kan men hen leren hoe ze de dingen die ze willen doen veilig kunnen doen eerder dan hen het te willen doen afzweren bijv. via straffen. Want dat laatste lukt niet, is reeds herhaald gebleken. Maar dan stelt zich de vraag: hoe kunnen we hen het veilig leren doen, want (bijvoorbeeld) veilig partyen is eigenlijk een zeer nuttig concept voor heel de maatschappij. Bijvoorbeeld: moeten evenementen aangepast worden, of is een nieuw concept van evenementen nodig? Zoals het virtuele buurtfeest er een was.

Zo kunnen we nog een aantal lessen identificeren. De vraag is daarbij is of we de lessen moeten identificeren via een “wilde brainstorm” en “snelle acties implementeren” of dat we kunnen gebruik maken van een bestaand kader om de nodige change (vanuit de lessons identified) te laten lukken.

Een dergelijk kader bestaat (Timothy L Sellnow, The SAGE handbook of risk communication, H20: ‘Crisis communication’ en referenties daarin). Om een discours te houden met impact voor vernieuwing en verbetering, moet een organisatie willen bijleren van elke crisis (de lessons identified), reflecteren over de ethische verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid, een vooruitziende visie ontwikkelen, en die visie retorisch presenteren. Dit kan dan ook gelden voor de maatschappij in de huidige crisis.

Een maatschappij die zich engageert voor vernieuwing zal dan willen veranderen en verbeteren ten gevolge van de crisis. Per slot van rekening geven de lessons identified pas zin aan de crisis, als we er lessons learned van maken. Pas als deze lessen een deel worden van de maatschappij, dringen ze door in de cultuur ervan en veranderen ze de manier waarop er beslissingen worden genomen. Maar als het geheugen van de maatschappij met betrekking tot deze lessen vervaagt in de tijd, bijv. omdat er euforie is na een eerste (kleine) overwinning, dan wordt die maatschappij terug kwetsbaar voor dezelfde crisis.

Dit laatste hebben we kunnen zien na het opheffen van de maatregelen: veel mensen leken te denken dat de crisis achter de rug was, en de geleerde lessen waren snel “vervaagd”. Gevolg: de R-waarde steeg snel terug tot rond de waarde 1, volgens een bron haar berekeningswijze net er onder (0,98), volgens een andere er net boven (1,1).

Daarom is reflecteren over ethische verantwoordelijkheid primordiaal: een gedegen afhandeling van vernieuwing “has a strong value orientation”. Ethische inbreuken kunnen dingen zijn als gierigheid, hubris, onrechtvaardigheid, contextgevoelige onbeleefdheden (zoals roepen naar iemand waardoor aerosolen sterk verspreiden) die eerder bijdragen aan een crisis. Een maatschappij die een waardenstructuur heeft die niet gecentreerd is rond elk van haar burgers, heeft het moeilijker om tot een geschikt nieuw normaal te komen. Het is alsof de burgers voelen alsof er iets niet klopt, ze zijn het sneller beu, en daarom zullen sommigen van hen tegenwerken. Om blijvend te motiveren is zuiverheid van geest en authenticiteit in de stellingnames door het beleid zo belangrijk. Het geeft zelfbescherming voor de leiders. Toegevingen doen door sociale of andere druk is dus niet altijd een goed idee. De kans is reëel dat dit achteraf als een boomerang terugkomt in het gezicht van de beslissers.

Om die boomerang te vermijden is een vooruitziende visie van belang: in de nabeschouwing van de crisis is men snel verleid tot een “shame, blame and denial game”. Dat leidt nooit tot een oplossing, is alleen een verspilling van energie, tijd en middelen,  leidt er alleen tot afdwalen van het doel. Een vooruitziende visie is nodig om de focus te verschuiven naar het bouwen van een meer weerbare en veerkrachtige maatschappij die haar opdracht in ten aanzien van zichzelf, elke burger tegenover elke andere burger, terug kan waarmaken. Goede communicatie staat daarbij centraal om de visie te kaderen. Het is immers een feit dat in een crisis geen echt draaiboek bestaat. Er bestaan tal van plannen, maar elk vooraf opgesteld plan is waardeloos. Het is elke keer opnieuw ontdekken hoe het in elkaar zit. “The devil is in the details” is daarbij bovendien keer op keer waar. Daarom geldt hier dat niemand de eerste steen moet werpen. De eerste steen werpen doet immers geen positieve bijdrage aan het ontwikkelen van een ethische verantwoordelijkheid. Maar als je een visie goed uitwerkt, kan dat je helpen om die stenen te pareren.

Die visie moet je retorisch presenteren: door de visie retorisch te presenteren, kan de commitment en de visie de vorm krijgen die nodig is om de maatschappij terug op het goede spoor te zetten. De retorische activiteiten scheppen immers een eigen werkelijkheid voor de burgers, om hen te inspireren om aan zichzelf en elkaar trouw te blijven tijdens de crisis, en de maatschappij beter terug op te bouwen dan het voordien was. De boodschap moet over alle voorgaande dingen gaan: de geleerde lessen, de waardenstructuur en de hoop voor de toekomst.

Indien de maatschappij effectief leert van de crisis in de nazorgfase, kunnen ze een “fresh sense of purpose and direction” ervaren. Daarmee kan ze evolueren naar een nieuw-normale situatie na de crisis. De precrisis fase scheidt dus de crisis herstel en -nazorgfase van een nieuwe start met het reguliere risicomanagement (waarvan de strategieën op zich ook onderwerp kunnen zijn van verandering). Daarin moet dan in dialoog gegaan worden met de burgers betreffende risico’s en risico-tolerantie. Die dialoog brengt dan een reactie op verandering. Het betekent dat iedereen in de maatschappij de focus weer op de nieuwe toekomst richt. Daartoe moet men ook spreken met quasi iedereen. Want zonder interne communicatie stuurt men blind en loopt men meer kans op nieuwe crisissen.

Maar tevens levert dit ‘veranderingseffect’ indirect een criterium voor het afroepen van het einde van de crisis: de crisis is ten einde wanneer de (nodige) verandering gebeurde, en iedereen daar in zijn ‘draai vindt’, en de draad weer oppakt. Let op dat dit niet betekent dat de wonden er niet meer zijn of reeds volledig hersteld zijn.

Yes ! I Screwed up – 13 fouten die je bedrijf beter maken

Auteur: Miloe Van Beek

Dit boek is anders dan de andere, omdat het een boek is over falen, wat er fout ging, bij start ups, en niet over succesverhalen. Het gaat daarentegen over de fouten van ondernemers en de bijhorende lessons identified, zodat de lezer, die een ondernemer wil worden, daarvan kan leren. Het is dus ook geen uitgeschreven procedure voor veilig een onderneming naar succes te leiden. Het boek bestaat voor 99% uit voorbeeldmateriaal met daarin de lessen verteld, wat het erg doet aanspreken.

Onder andere de volgende lessen zijn besproken:

  • Maak je een product? Maak de eerste batch niet te groot.
  • Zorg dat je er aan gedacht hebt om het product grondig door te testen.
  • Werk samen met de klant. Ken zijn smaak.
  • Geef je fouten toe, zeg sorry en los het probleem op.
  • Zie dat de pot de ketel niet verwijt dat hij zwart ziet. Zit samen rond tafel en denk constructief.
  • Bevries niet bij tegenslag of tegenwerking.
  • Vertrouw er op dat je het mis hebt, om het dan goed te doen.
  • Durf fouten maken. Winnaars vallen ook, maar staan terug recht.
  • Durf hulp te vragen.
  • Relateer het marketingbudget niet aan de omzet.
  • Praat met klanten. Onbekend maakt onbemind.
  • Een marketingcampagne is nodig, maar ook een salesstrategie.
  • Weet waar de klant behoefte aan heeft.
  • Hecht tijdens het salesgesprek geen waarde aan de uitkomst er van. Bouw geen stress op.
  • Vraag aan de tegenpartij of zij uw idee goed vindt.
  • Wees er niet voor iedereen. Begin met een kleinere doelgroep.
  • Geef de consumenten veel aandacht om hen te overtuigen.
  • Vraag de klanten naar hun interesses. Werk daar naar toe.
  • Voorkom tunnelvisie van uw eigen idee. Ken de behoeftes.
  • Ga in een vroeg stadium naar de markt en vraag dan reeds constructieve feedback. Begin in het klein. Schaam je desnoods een beetje.
  • Spreek concreet over de prijs.
  • Slank een bedrijfsidee af als het te weinig aansluit bij de noden van de markt.
  • Toets regelmatig de evolutie van de noden van de klant.
  • Zorg dat je op de markt komt als de nood aan uw product er is. Timing is belangrijk.
  • Werk met kleine stapjes naar je doel.
  • Pas op met teveel financiering.
  • Durf verantwoord bluffen.
  • Werk samen met anderen indien opportuun.
  • Wees op tijd met innovatie.
  • Anticipeer op veranderingen van de markt. Creëer een wendbare cultuur.
  • Kijk uit voor en naar andere producten.
  • Brainstorm uitgebreid over ideeën. Laat heel de werkvloer meedenken.
  • Pas op voor zogenaamde vanity metrics.
  • Motiveer je team doorheen veranderingen. Communiceer veelvuldig.
  • Als er tientallen aanbieders zijn, doe dan iets anders. Doe iets bijzonders.
  • Blijf scherp als het goed gaat.
  • Stuur op de cijfers. Gebruik allerhande indicatoren.
  • Zorg dat klanten betalen. Gebruik desnoods een debiteurenbeleid.
  • Bereid uw financiële gesprekken goed voor.
  • Laat investeerders niet de dagelijkse leiding verstoren.
  • Pas op voor teveel geld van investeerders.
  • Trek op tijd aan de bel als het fout gaat.
  • Geld lenen kost ook geld.
  • Kijk naar lange termijn perspectieven.
  • Let op voor superioriteitsgevoel. Zet het van u af. Loop niet naast uw schoenen.
  • Groei niet om te groeien.
  • Als de economie tegenzit, kan je bedrijf in één keer floppen.
  • Verwen uzelf niet met overdadige mediabelangstelling. Hou u bezig met het realiseren van uw visie, missie, strategie, doel. Media-aandacht geeft geen businessmodel.
  • Focus u op uw doelen. Niet op de middelen.
  • Let op om ja te zeggen tegen leuke projecten. Past het in de business? Let op met teveel enthousiasme. Kies wijs en verstandig.
  • Let op tijdens groeifasen voor chaos en te weinig focus.
  • Kies een doel om je te gidsen.
  • Let op voor stress. Luister naar je lichaam. Let op voor burn out.
  • Hou voldoende van uw privésituatie. Niet enkel uw gezin.
  • Zeventig uur per week werken is voor niemand goed. Neem vakantie.
  • Hou altijd de big picture in het hoofd.
  • Plan naargelang het jaar vordert voldoende resources.
  • Groei pas als je er klaar voor bent.
  • Word niet lui wanneer het goed gaat.
  • Stel geen zaken uit. Kom op tijd in actie.
  • Weet dat de werkvloer en het middenkader de situatie zeer scherp aanvoelen.
  • 10 jaar groeitijd om tot 20 medewerkers te komen is normaal.
  • Communiceer omstandig met de medewerkers.
  • Ga af op cijfers, ga niet enkel af op buikgevoel
  • Luister naar de mening van adviseurs. Wees niet eigenwijs. Steel gedachtengoed en ideeën.
  • Je wordt niet beter van te horen hoe goed je bezig bent.
  • Weet waarom je wil ondernemen.
  • Deel je fouten met anderen. Leer van de fouten van anderen.
  • Praat over potentiële keuzes met derden.
  • Start geen business met vrienden.
  • Zorg voor voldoend complementaire partners en medewerkers.
  • Samen is beter dan alleen. Misschien best met drie. Maar enkel gestoeld op eerder samenwerken.
  • Let op met nieuw afgestudeerden.
  • Ga met een potentiële werknemer op café. Check of er een klik is.
  • Bespreek de werkvoorwaarden goed door. Vertrouwen alleen is niet voldoende.
  • Ga niet teveel af op de toezeggingen van één persoon.
  • Investeer in personeel en personeelsbeleid.
  • Leer delegeren.
  • Weet wanneer je moet stoppen. Baseer je daarbij op cijfers.
  • Falen is geen schande.

Dagboek van een kaping – 71 dagen in handen van Somalische piraten

Auteur: James Law

Dit boek werd door de auteur geschreven als een dagboek. Het vertelt het persoonlijke verhaal van een van de bemanningsleden, James Law, van de Pompei.

Het boek kan vanuit velerlei standpunten gelezen worden, en werd dit ook: als verslag van de kaping door juridische instanties, als getuigenis van een misdaad, als een herinnering, bijna als een roman.

Maar er kunnen, voor de scheepvaartsector, ook lessons identified in terug gevonden worden. M.a.w. do’s en don’ts  als je gekaapt wordt door piraten. Dit is geen verhaal dat kan afgedaan worden als ver van ons bed: dagelijks nog steeds zijn Somalische piraten op jacht naar hun prooien.

Maar wat zijn nu de lessons identified? Misschien voor alles de mentale en fysieke eis: zie dat je overleeft. Daar kunnen een aantal zaken bij helpen:

  • Wind je niet op in het nabij zijn van de piraten. Wees onderdanig en maak geen punt van je persoonlijke bezittingen. Hou je woede en andere emoties onder controle t.a.v. de piraten.
  • Hou een dagboek bij indien mogelijk. Schrijf dagelijks de dingen van de dag op een zo observerende manier als mogelijk van je af.
  • Zorg voor een goede kok aan boord. De kok kan de echte held zijn, omdat gezond en goed voedsel van uitermate belang zijn voor een sterke moraal.
  • Behoud de persoonlijke hygiëne.
  • Wees beleefd en vriendelijk tegen de piraten. Speel komedie als het moet.
  • Hou je zo veel als mogelijk nuttig bezig. De auteur van het boek deed dit o.a. door het opkuisen van de keuken. Beweeg wanneer mogelijk.
  • Vernietig geen bewijsmateriaal indien mogelijk, zeker niet op het einde van de rit bij de vrijlating, vanwege de nood aan een forensisch onderzoek.
  • Zorg voor ontspanning aan boord: neem veel boeken, gezelschapspelen, fitnessgerief en films mee aan boord.
  • Leer elkaar kennen, zodat een transparante communicatie onder de bemanningsleden doorheen de situatie vlot mogelijk is. Speel geen “geen commentaar” spelletjes met je collega’s aan boord.
  • Ondersteun elkaar en let op elkaar. Wees alert van de noodsignalen van je medebemanningsleden, fysiek en psychisch, wanneer deze optreden.
  • Doe er alles aan om de moraal van de medebemanningsleden hoog te houden. Verspreid dus geen valse hoop. Communiceer veel en uitgebreid, open, en spreek onderling uw gedachten uit.
  • Neem uitgebreid rust na de feiten. Kom op krachten. Laat je verwennen. Omring je met liefde. Zet er een punt achter. Desnoods met een ritueel. Sta de pers toe om uw verhaal uit uw mond te brengen, zodat er geen wilde verhalen (blijven) rondgaan. Blijf nadien zo veel mogelijk uit de belangstelling.

Tirannie – Twintig lessen uit de twintigste eeuw

Auteur: Timothy Snyder

De auteur gebruikt in dit boek zijn grote kennis van geschiedenis, om in de nasleep van de verkiezingen van 2016, waarbij een nieuwe Amerikaanse president in het voetlicht trad, het Amerikaanse volk te waarschuwen. Zijn eerste zin in de proloog zegt precies de essentie van hoe het boek moet gelezen worden: “De geschiedenis herhaalt zich niet, maar bevat wel lessen.” Sommigen leren daar uit, anderen herhalen een aantal fouten, met negatieve afloop als gevolg. Hij stelt 20 levenslessen of geleerde lessen voor als mogelijke (intermenselijke) maatregelen aan ons allen, burgers zowel als politiekers.

De 20 lessen zijn:

  1. Gehoorzaam niet bij voorbaat
  2. Verdedig een instituut
  3. Verhinder de eenpartijstaat
  4. Neem uw verantwoordelijkheid voor het aanzien van de wereld
  5. Vergeet uw beroepsethiek niet
  6. Kijk uit voor paramilitairen
  7. Denk goed na als u bewapend met zijn
  8. Verzet u
  9. Koester onze taal
  10. Geloof in de waarheid
  11. Ga op onderzoek uit
  12. Maak oogcontact en praat met elkaar
  13. Wees fysiek politiek actief
  14. Zorg voor een privéleven
  15. Geef aan goede doelen
  16. Leer van anderen in andere landen
  17. Onderken gevaarlijke woorden
  18. Blijf kalm als het ondenkbare gebeurt
  19. Wees een patriot
  20. Wees zo moedig als u kunt

Doorheen het boek laat de auteur duidelijk doorschemeren dat hij het niet zo heeft met de huidige president van de USA.

Een principe van risicoanalyse dat hier wordt toegepast is dus de terugblik in het verleden. Voor risicoanalyses in het algemeen kan dit van belang zijn om ernst en frequentie in te schatten, maar ook om uit de geschiedenis kennis te nemen van maatregelen die toen genomen werden, en of ze effectief en efficiënt waren. (Daarom dat ik er ook voor pleit om risicobeheer niet aan een persoon over te laten, maar om een polyvalent team te betrekken met de juiste spirit. – nvdr)

De auteur werkt deze 20 lessen uit aan de hand van concrete veelzeggende voorbeelden, die de meesten onder ons kennen. Zo komt het nazisme meermaals aan bod, alsook het fascisme.

Wanneer deze voorbeelden tegen het licht van de hedendaagse gebeurtenissen gehouden worden, wordt de relevantie van verschillende gevaren overduidelijk door simpele analogie.

We hebben echter een groot voordeel: naarmate de tijd vordert hebben we steeds meer geschiedenis waarvan we kunnen leren.