Communicatiestrategie

Auteur: Wil Michels

In een boek in vier delen vertelt de auteur over communicatie: hoe je moet denken over een strategie, welke basisstrategieën hij ziet, het gebruiken van een metafoor en dan de stap naar de uitvoering.

Ikzelf ben geen communicatiespecialist, maar toch zijn er enkele zaken die me bijbleven die nuttig kunnen zijn voor crisismanagement en crisiscommunicatie.

Vooreerst blijkt het voeren van een enkele strategie in communicatie achterhaald. Zo wordt er, wat voor crisismanagement belangrijk is, een onderscheid gemaakt tussen de strategie bij reputatiemanagement en de strategie bij issuemanagement. Het grote verschil is dat bij de reputatiestrategie een organisatie werk maakt van het opbouwen van een sterk imago bij diverse doelgroepen, terwijl bij de issuestrategie wordt ingezet op een beleid dat de perceptie van de doelgroep over een specifiek thema moet beïnvloeden. Het kan dus ingezet worden om een negatieve beeldvorming te vermijden, zoals in een crisis het geval kan zijn, terwijl de reputatiestrategie kan ingezet worden om goodwill te voorzien vooraf.

De veranderstrategie is eveneens een strategie, die kan ingezet worden bij risicovolle projecten, zoals overnames of fusies, of wijzigingen van een organisatiestructuur en –cultuur. Dit werkt vooral door het creëren van een positieve werksfeer en een breed draagvlak.

Een zaak die speciaal is bijgebleven is het principe van de zes (kleuren-)denkhoeden van Bono: deze is niet alleen bruikbaar in communicatie algemeen, maar ook in crisismanagement.

Stap 1: start met wit. Loop de feiten af en maak een analyse. Wees objectief en spring niet ineens naar conclusies.  Is de strategie realiseerbaar?

Stap 2: Groene hoed. Onderzoek de alternatieven. Provoceer. Denk creatief en maak vrije associaties.

Stap 3: Gele hoed. Bekijk de voordelen en de kansen van de strategie. Wees positief en zoek de voordelen. Speculeer over het best case scenario.  Durf dromen.

Stap 4: Zwarte hoed. Bespreek de nadelen en de risico’s en zwakheden. Geef kritiek. Wees pessimistisch en biedt weerstand. Wees de advocaat van de duivel.

Stap 5: Rode hoed. Probeer te voelen welk gevoel de strategie oproept. Wees emotioneel. Wees intuïtief. Gebruik buikgevoel.

Stap 6: Blauwe hoed. Rond de brainstorm af. Maak een samenvatting van de andere hoeden hun ideeën. Kom tot een besluit. En benoem de ideeën die het verdienen om verder uit te werken. Gebruik een helikopterview. Wat zijn de gevolgen? Welke acties zijn noodzakelijk?

Risicomanagement

Auteurs: P.Claes; S. Janicijevic; R. Lengkeek

In dit leerboek over risicomanagement starten de auteurs vanaf nul. Ze nemen uitgebreid de plaats voor een inleidend eerste hoofdstuk dat nodig is om aan studenten een uitleg te geven waar risicomanagement zich plaatst voor de mens, de mensheid en de organisaties en waarom het nodig is om aan risicomanagement te doen.

Pas in het tweede hoofdstuk wordt er een analytische definitie gegeven van wat risico’s zijn en wordt het verschil uitgelegd tussen de verschillende soorten risico’s: statische en dynamische en verschillende risicocategorieën. Daarbij zijn de doelen van de organisatie primordiaal. De grootte van risico’s is dan weer belangrijk om de organisaties bewust te maken waarom risicomanagement van belang is.

Risicomanagement wordt pas daarna gedefinieerd. In het boek wordt er een klemtoon gelegd op het feit dat risicomanagement een proces is dat nooit stopt. Je kan dus geen beleid maken, het in de kast leggen en zeggen dat je qua risicomanagement in orde bent. Het feit dat het een proces is maakt dat er ook iemand voor moet worden aangeduid als verantwoordelijke, op de juiste plaats in de hiërarchie.

Op die manier bouwt het boek op een logische manier verder en gaat het vervolgens dieper in op het risicomanagementproces. En om een proces op te starten is er een planning nodig. Daarbij wordt ook gekeken naar de praktijkverschillen in aanpak van statische risico’s versus dynamische risico’s.

Het boek gaat verder in op de risico-identificatie en risico-evaluatie als belangrijke stappen in het proces om aan risicomanagement te doen. Eens de organisatie zich bewust is geworden van deze risico’s en bepaald heeft welke risico’s zullen aangepakt moeten worden, ontstaat het risicobehandelingsbeleid. Daarbij is het risicoprofiel van de organisatie een belangrijk onderdeel.

De verdere hoofdstukken gaan in op het aanpakken van de risico’s, door een schadepreventiebeleid, dat risico’s gaat vermijden, verminderen, schade voorkomen of verplaatsen (overdragen). Daarbij gaat redelijk veel aandacht naar verzekeringen , maar eveneens naar het zelf dragen van het risico, waarbij eveneens ingegaan wordt op de verzekeringsvorm van de captive-structuur als oplossing. Bij deze laatste hoofdstukken verwijzen de auteurs eveneens naar meer gespecialiseerde literatuur.

Als studieboek is dit werk bijzonder geslaagd, mede dankzij zijn logische opbouw. De student rolt als het ware steeds verder binnen in de wereld van het risicomanagement.